Wellicht heeft de tijdsgeest van de jaren ’60 – ’80 geleid tot excessen wat werken betreft en komen we stilaan in een nieuw tijdperk, waar werken gewoon hoort bij het leven, maar naast vele andere dingen die het leven te bieden heeft.
Toch wil dit boek een pleidooi zijn voor werk. Een werkzaam bestaan bevordert op een vanzelf sprekende manier de maatschappelijke aanvaarding. Het staat buiten kijf dat de sociale bescherming, die een beschavingsopdracht is, langzaam de betrokkenen steeds meer in een gesubsidieerd isolement heeft gedrongen. Onze verzorgingsstaat heeft te veel mensen in een afhankelijke positie verstrikt en is zo een blokkade geworden voor sociale stijging.
Artsen in het algemeen en de NGO “Dokters van de Wereld” in het bijzonder hebben de maatschappelijke plicht om medisch zorg te dragen voor deze afhankelijke naasten, maar kunnen niet genoeg pleiten voor een maatschappelijke integratie, die de belangrijkste parameter blijkt voor een gezonder leven.
Er staan ons woelige tijden te wachten. Dit zorgt bij velen voor angst. Angst voor de toekomst. Angst is echter een slechte gids. In de jaren ’30 van de vorige eeuw zei de Amerikaanse president Franklin Roosevelt het zo: “We have to fear but fear itself”.
Woelige tijden doen ons nadenken over de essentie. Dit begint in de gezinnen. Opvoeding is een investering in menselijk vermogen.
De scholen moeten dit vermogen verder helpen ontwikkelen tot een voor de maatschappij zinvolle job. Zinvol werk is dan ook de beste buffer tegen wat komen gaat.
Laat dit kijkboek een bescheiden bijdrage zijn voor een betere toekomst.
dr. Erik Van de Kelft
www.neuro-chirurgie.org